EEN KORTE GESCHIEDENIS
VAN NEDERLANDSE WIJN

Nederland is internationaal bekend door haar VOC verleden en de strijd tegen het water. Maar de Nederlandse geschiedenis kent verborgen schatten. Zo heeft Nederland een oude wijnbouw traditie die teruggaat tot de Romeinse overheersing. De oudste vermelding van viticultuur in Nederland dateert van het jaar 968.

Volgens Wikipedia wordt verondersteld dat de druiventeelt in Nederland al bestaat sinds de tijd van de Romeinen. Voor Romeinse soldaten maakte ‘posca’, wijn gemengd met water deel uit van de standaard ‘uitrusting’, en de aanname is dat deze wijn ook in ons land lokaal werd verbouwd. Onderzoeker Mariëlla Beukers heeft echter geen goede bewijzen hiervoor kunnen vinden.

De eerste officiële vermelding van wijnbouw in Nederland komt uit 968. In een inventarislijst van de bezittingen van koningin Gerberga van Saksen komen verschillende wijngaarden rondom Maastricht voor. Maar ook hier is voorzichtigheid vereist – het kan hier volgens Beukers gaan om standaardteksten die in officiële documenten werd gebruikt voor landerijen, of er nu werkelijk wijngaarden aanwezig waren of niet.

De Warens Van Het Gilde van Vatenmakers en Wijnproevers, Gerbrand van den Eeckhout, 1673, Amsterdams Historisch Museum (bron: hogsheadwine.com)

Vergeleken met andere wijngebieden lagen de Nederlandse gebieden erg noordelijk. Dankzij de hellingen en de vruchtbare loess gronden kon er toch succesvol wijn verbouwd worden. In de latere Middeleeuwen verspreidde de wijnbouw zich ook naar andere delen van Nederland. In die periode was het klimaat warmer dan tegenwoordig en de wijnbouw profiteerde daarvan. In de 14e en 15e eeuw waren de heuvels van het Maasdal en Geuldal als het ware overwoekerd met druivenranken en de Nederlandse wijnbouw bereikte haar piek.

In de 15e eeuw krijgt wijn steeds meer competitie van bier. Ook verandert het klimaat in Nederland na 1540; het werd steeds kouder en vanaf 1586 kwamen we terecht in wat de Kleine IJstijd is gaan heten. Het koude klimaat was funest voor de wijnranken. Het koude weer en de steeds toenemende bevolkingsomvang veroorzaakte bovendien hongersnood en de landbouwgrond werd daarom gebruikt voor voedsel in plaats van wijndruiven. Na de 80-jarige oorlog, van 1566 tot 1609 en van 1621 tot 1648, bleef de Nederlandse viticultuur gedecimeerd achter.

De nekslag voor de Nederlandse wijnbouw kwam toen de druifluis (Phylloxera) plaag de wijnranken ruïneerde. Ook gaat het verhaal dat Napoleon het verbood om nog wijn te verbouwen in Nederland, om zo de Franse wijnexport te bevorderen, maar daar bestaan twijfels over. De laatste wijngaard bij Maastricht verging volgens Wikipedia in 1946, maar lang daarvoor was het verbouwen van wijndruiven in Nederland al gemarginaliseerd.

Zo rond het begin van de jaren ’70 van de 20e eeuw verbeterden de omstandigheden voor wijnbouw in Nederland aanzienlijk. Een aantal ondernemers beloten om nieuwe wijnranken aan te planten in Limburg en Noord Brabant. De oudste is de bekende Apostelhoeve bij Maastricht, die sinds 1970 op commerciële schaal wijn produceert. Sindsdien heeft er een gestage, en steeds snellere groei plaatsgevonden van het aantal wijnbouwgebieden in Nederland.

Vandaag de dag produceren meer dan 170 wijngaarden in Nederland wijnen die vaak uniek zijn voor ons land. In veel gevallen bevatten ze druivensoorten die specifiek geschikt zijn voor ons Nederlandse klimaat (zoals bijvoorbeeld Johanniter, Souvignier Gris, Cabernet Cortis of Solaris).